Stralende zon

Lieve Lilian,
Ik richt mij tot jou hoewel je er niet meer bent en je mijn woorden niet zult lezen; doch niettemin.

Voor jou was ik “Oom Kenneth” en voor mij was je mijn lief nichtje.
Je kwam toen ik achttien was.  Je bent  nu heen gegaan.

Je bent ons allen tot vreugd geweest. Je was voor je ouders een zonnetje en na het verscheiden van je vader straalde het zonnetje krachtiger voor je moeder.

Je bent niet meer onder ons, doch wij denken aan je. Voor ons leef je voort.
Jij bent heen gegaan. In het bijzonder voor je moeder is verdriet in de plaats gekomen.
De gedachte aan jou en de zegening dat je haar dochter was, geven haar kracht.

Wij hielden allen van je.

Oom Kenneth en tante Irène,
Kenneth jr. en Serah